
Tweede roman van de jonge Utrechtse schrijfster Manon Uphoff (1962). Hoofdpersoon is de 13-jarige Mara, die 4 jaar in haar ontwikkeling wordt gevolgd. Niet alleen de invloed van haar milieu is zichtbaar in haar karakter en soms provocerend gedrag, ook de ontwrichting en vervreemding ten gevolge van een verhuizing van het gezin waaruit Mara afkomstig is, heeft een belangrijke betekenis. Het is de aanzet tot de verkenning naar buiten. In snel ontluikende liefdes- en seksuele relaties ontwart Mara de lelijkheid en wreedheid van de wereld, maar ook in zichzelf. In gedachten en gedrag wordt dit duidelijk in haar jeugdliefde Helmi, die dankzij zijn acne wordt begeerd.
In flarden wordt deze liefde ontrafeld, en in korte scènes probeert de schrijfster, op soms schokkende wijze, een beeld te geven van een hedendaags opgroeiend meisje. Ondanks haar gewaagde verkenningen beklijft het niet. Een tijdsbeeld
Bron: NBD/Biblion
Lenen of reserveren